startpagina  fotogalerij  info  sites  
WIE IS AN  COLUMN  PARLEMENT  PUBLICATIES  ACTIVITEITEN  VLAAMS BELANG 

Column

Vlaams Belang verlaat commissie Onderwijs bij aanvang bespreking OD XVII

31.05.2007 14:26 -
Persmededeling

[
b]Vlaams Belang verlaat Commissie Onderwijs als protest tegen ‘voldongen feiten’-politiek van Frank Vandenbroucke

Minister recidiveert en zet steeds opnieuw de democratische werking van het parlement buiten spel.


Tijdens de commissie onderwijs van 31 mei 2007, protesteerde de Vlaams Belang fractie bij monde van An Michiels tegen de dictatoriale manier waarop Frank Vandenbroucke de onderwijsdecreten door het parlement jaagt.

In 2003 werd door het voltallige Vlaams Parlement een voorstel goedgekeurd waarin besloten werd dat onderwijsdecreten die maatregelen bevatten die op 1 september moeten ingaan, ten laatste op 1 mei in het parlement moeten ingediend worden.
Onder minister Vandenbroucke loopt dit echter systematisch fout.

Doordat de minister bewust en steeds opnieuw deze termijnen overschrijdt, zet hij het parlement voor voldongen feiten. De commissie en de plenaire vergadering worden als het ware gereduceerd tot stemmachines.

De argumentatie van de minister dat het toch allemaal geen probleem is zolang “er geen chaos” is, houdt uiteraard geen steek. De belangrijke nuances die door de verschillende partijen aan decreten kunnen worden toegevoegd vervallen volledig wanneer de betrokken minister “cavalier seul” speelt. Vandenbroucke beslist als een “zonnekoning” over het Vlaamse onderwijslandschap en de noodzakelijke “diversiteit” waarvoor hij toch altijd pleit, vervalt duidelijk wanneer het de inbreng van de verschillende politieke strekkingen betreft. Deze verschillende politieke strekkingen zijn nochtans de grondslag van de democratie en een weerspiegeling van de wil van de kiezer.


Links heeft het zo belangrijke onderwijsdossier volledig ingepalmd en bepaalt zonder omkijken de richting. Zoals eigen aan een dictatuur, is commentaar of debat over de inhoudelijke invulling niet gewenst. De andere meerderheidspartijen staan erbij en kijken ernaar.

Tijdens de commissievergadering Onderwijs van 31 mei 2007, verliet het Vlaams Belang met de ganse fractie de zitting. Vlaams Belang wenst geen deel uit te maken van een schijnvertoning.

In bijlage vindt u de volledige tekst van Mevr. An Michiels. Voor meer informatie kan u haar bereiken op gsm 0478 33 24 86.



An Michiels, Marie-Rose Morel, Werner Marginet, Linda Vissers en Greet Van Linter



Bespreking OD XVII


Meneer de minister, collega’s,

Eigenlijk vraag ik me af wat wij hier vandaag nog zitten te doen. We zijn nu 31 mei en we bespreken hier (in commissie) wijzigingen die op 1 september moeten ingaan! Hiermee zijn we dus – weer eens – te laat, volgens de resolutie die op 28 mei 2003 unaniem goedgekeurd werd. En ja, meneer de minister, ik weet wel dat u over dit decreet al uitgelegd hebt waarom u weer te laat bent (deze keer is het niet uw schuld, maar die van de Raad van State) maar dit verandert niets aan het feit dat ook dit jaar belangrijke decreten te laat ingediend worden. Het werd gisteren in plenaire al even aangehaald: 1 mei betekent voor studenten het begin van een blokperiode en betekent voor ons in de commissie Onderwijs het begin van een spurt om belangrijke decreten nog voor het zomerreces goedgekeurd te krijgen.
Collega Demeyer mag dan wel elke keer opnieuw komen opdraven om u te herinneren aan zijn resolutie, maar verder wordt door geen enkele meerderheidsfractie consequent gehandeld. Want, onder het voorwendsel dat het niet goed zou zijn voor de scholen indien we een aantal zaken nu niet doorvoeren, zal dit decreet straks toch wel weer goedgekeurd worden.

Meneer de minister,
Er is niet alleen het feit dat dit decreet te laat komt, er zijn ook nog de omzendbrieven. In voormelde resolutie werd duidelijk gevraagd geen omzendbrieven aan de scholen mee te delen waarvoor de wettelijke basis ontbreekt. Wat stellen we nu echter vast: de scholen zijn al op de hoogte gesteld van hetgeen waarover wij nu moeten praten. Sinds 18 mei, dus reeds meer dan twee weken, worden via Edulex allerhande omzendbrieven verstuurd naar de scholen over de bepalingen die in dit decreet zullen moeten goedgekeurd worden. Er wordt wel aan de scholen gezegd dat deze omzendbrieven worden gepubliceerd in afwachting van de goedkeuring van de wettelijke basis en dat de in dit decreet opgenomen diverse maatregelen onder voorbehoud van aanneming door het Vlaams Parlement van onderwijsdecreet XVII, worden meegedeeld. En toch, collega’s, toch was iedereen het er in 2003 over eens dat ‘scholen geen beleid kunnen voeren op basis van omzendbrieven’!

Meneer de minister,
zoals u eerder reeds zei: er zal dus geen chaos zijn want de scholen zullen al het mogelijke doen om, adhv deze omzendbrieven (die echter elke rechtsgrond missen) de maatregelen goed te implementeren. Dat klopt dus, maar dat is niet uw verdienste, wel die van de directies, de schooladministraties en de leerkrachten.

Maar, meneer de minister,
stel u nu eens even voor dat de meerderheid degelijk parlementair werk levert en na een debat in deze commissie beslist een aantal bepalingen uit dit decreet ofwel nog te wijzigen ofwel gewoon weg te stemmen. Of stel u voor dat een meerderheid van de commissieleden consequent de resolutie van 2003 zou uitvoeren, wat inhoudt dat dit ontwerp van decreet niet goedgekeurd wordt! DAN zou er pas chaos ontstaan bij de scholen, die intussen al bezig zijn om de – via omzendbrieven – aangekondigde maatregelen te implementeren. Dit is echter een onterechte vrees, want, zoals gewoonlijk, zullen hier – misschien ? – wel een aantal kritische vragen gesteld worden, maar zal men, bij de stemming, uiteindelijk toch voor stemmen.


Waarmee ik dus terugkom op mijn eerste vraag: wat zitten wij hier nu te doen? Welk nut heeft deze discussie nog? Is er überhaupt nog discussie nodig? Zouden we niet beter onmiddellijk overgaan tot de stemming? Of zouden we dit decreet niet beter onmiddellijk in plenaire brengen? Mits wat creatieve interpretatie van het reglement is dit perfect mogelijk. De uitslag van de stemming ligt toch al van tevoren vast, bespreking of niet. Of heeft uw departement ook deze keer nog tijd nodig tot vandaag, de dag van bespreking in commissie om amendementen op te maken, die de meerderheid dan gauw-gauw mag ondertekenen? (als ze niet vechtend door de gang rollen, wel te verstaan!) Is dit de reden waarom er elke keer een schijndebat gehouden wordt in commissie?

Meneer de minister,
Ik lees ook deze keer dat de Raad van State problemen heeft met een aantal bepalingen uit het ontwerp, die problemen stellen met het legaliteitsbeginsel in onderwijszaken. Naar uw – goede? – gewoonte legt u ook deze keer die opmerkingen gewoon naast u neer en de meerderheid volgt u – bijna zonder nadenken – in deze logica! Wellicht zal u hier weer op antwoorden dat we moeten vermijden dat we het legaliteitsbeginsel zo toepassen dat alles wat men in onderwijs doet door het parlement moet bevestigd of beslist worden, omdat dit onwerkbaar zou worden. Misschien klopt deze redenering vanuit uw standpunt als minister, maar voor zover ik weet staat het wel zo in de Grondwet ingeschreven, de Grondwet die toch niet als zomaar een vodje papier kan beschouwd worden!
Bovendien merkt de Raad van State ook deze keer – en ook dit is niet de eerste keer – op dat hij binnen de zodanig korte termijn die hem gegund werd onmogelijk voldoende aandacht kon besteden aan het ontwerp. Ook de Vlor merkt op dat hij een zeer beperkte termijn kreeg om dit advies voor te bereiden en moest werken op voorlopige teksten, teksten waaraan naar aanleiding van de goedkeuring in de Vlaamse Regering nog grondige wijzigingen werden aangebracht. En ook de Vlor zegt – net zoals de RvS – dat het niet de eerste keer is dat hij gevat wordt door een irreëel tijdsschema, dat een grondige bespreking onmogelijk maakt.
Eenzelfde opmerking zou door de parlementsleden – zeker die uit de oppositie – gemaakt kunnen worden. Ook dit hebben wij u reeds meermaals gezegd: het korte tijdsbestek dat ons gegund wordt om dit – en andere – ontwerpen van decreet volledig door te nemen maken degelijk parlementair werk onmogelijk. Ook hier werd gisteren door collega Tavernier al naar verwezen: doordat we nu snel en hard moeten werken, zullen we zeker en vast een aantal zaken over het hoofd zien. Voor de meerderheid is dit geen probleem, zij volgen toch wat u zegt – en herstellen eventuele fouten wel met een aantal reparaties in een volgend decreet – maar een dergelijke werkwijze maakt een ernstig en degelijk debat onmogelijk!
Daarom, meneer de minister, collega’s, hebben wij besloten om dit spelletje niet meer mee te spelen. Wij willen de schijn van een debat niet meer ophouden. (de massale aanwezigheid van de collega’s uit de meerderheidspartijen toont duidelijk aan dat het hier om een schijndebat gaat). Wij zullen daarom nu deze zitting verlaten – u kan dan rustig elkaar bewierroken tijdens de ‘bespreking’ van dit ontwerp van decreet.